ECLI:NL:CRVB:2013:2868
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewet-uitkering na arbeidsdeskundig en medisch onderzoek bevestigd
Appellant was servicemonteur en viel uit wegens klachten na een aanrijding. Hij ontving een Ziektewet-uitkering die het UWV beëindigde per 24 oktober 2011 na onderzoek door een verzekeringsarts. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen van appellant voldoende waren meegewogen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de bezwaarverzekeringsarts zijn psychische en lichamelijke klachten had onderschat en dat medicijngebruik zijn belastbaarheid beïnvloedde. De Raad stelde vast dat de verzekeringsartsen beschikten over een arbeidsdeskundig rapport waarin de aard en zwaarte van het werk waren beschreven en dat de verklaringen van appellant niet met objectieve gegevens waren onderbouwd.
De Raad vond de rapportages van de verzekeringsartsen voldoende als medische grondslag en concludeerde dat appellant per 24 oktober 2011 geschikt was voor zijn werk. De aanvullende medische informatie die appellant overlegde had geen betrekking op de datum in geschil en bood geen reden om het standpunt van het UWV te wijzigen. Ook was niet gebleken dat medicijngebruik de belastbaarheid op die datum negatief beïnvloedde.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewet-uitkering per 24 oktober 2011.