ECLI:NL:CRVB:2013:2696
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buitenlandbijdrage Zvw voor verdragsgerechtigde AOW-gerechtigden in Spanje
Appellanten, woonachtig in Spanje en AOW-gerechtigd, waren het niet eens met de opgelegde buitenlandbijdrage op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw). Zij stelden dat zij niet verdragsgerechtigd waren omdat zij fiscaal resident zijn in Spanje en een particuliere ziektekostenverzekering hebben afgesloten. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellanten wel verdragsgerechtigd zijn op grond van de Verordening (EEG) nr. 1408/71 en dat zij recht hebben op zorg in Spanje ten laste van Nederland.
De Raad bevestigde dat de buitenlandse bijdrage verplicht is volgens artikel 69 van Pro de Zvw en dat het feit dat appellanten zich niet hebben ingeschreven bij het bevoegde orgaan in Spanje en geen gebruik maken van het recht op zorg in Spanje, niet afdoet aan hun verdragsgerechtigdheid en bijdrageplicht. De rechtbank had dit oordeel eerder ook al bevestigd en verwees daarbij naar jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie.
De Raad benadrukte dat de woonlandfactor in de berekening van de buitenlandbijdrage ervoor zorgt dat de bijdrage wordt afgestemd op het zorgpakket in het woonland. Het hoger beroep van appellanten werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken werden bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; appellanten zijn verdragsgerechtigd en buitenlandbijdrage is verschuldigd.