ECLI:NL:CRVB:2013:2367
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bezwaar tegen WIA-uitkering op grond van zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Appellant, werkzaam als medewerker vliegtuigschoonmaak, viel uit wegens rug- en buikklachten. Het UWV kende hem een WIA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-80%. Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard door de rechtbank, die oordeelde dat de medische conclusies van de verzekeringsartsen juist waren en dat de beperkingen passend waren vastgesteld.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de beperkingen onderschat waren en dat de aan de schatting ten grondslag liggende functies niet geschikt waren vanwege fysieke en opleidingsbeperkingen. Hij overhandigde aanvullende medische stukken en stelde dat de functies niet passend waren.
De Raad stelde vast dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de aanvullende stukken geen aanleiding gaven tot een ander oordeel. Ook de arbeidskundige beoordeling was voldoende gemotiveerd en inzichtelijk. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door J.J.T. van den Corput op 6 november 2013.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van het bezwaar tegen het WIA-uitkeringsbesluit.