ECLI:NL:CRVB:2013:2327
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WGA-uitkering wegens voldoende benutbare mogelijkheden
Appellante, werkzaam als helpende in de gezondheidszorg, viel uit wegens psychische klachten en kreeg een WGA-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35-80%.
Het UWV verklaarde het bezwaar tegen deze toekenning ongegrond en de rechtbank bevestigde dit oordeel, waarbij werd vastgesteld dat de medische en arbeidskundige beoordeling zorgvuldig en voldoende was uitgevoerd. De psychische beperkingen waren duidelijk in kaart gebracht en de toegewezen functies passend.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij niet direct 20 uur per week kon werken en dat de verzekeringsarts zich op onjuiste feiten had gebaseerd. De Raad verwierp deze bezwaren, overwegende dat het systeem van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen geen opbouwperiode kent en dat het medisch oordeel gebaseerd was op volledige en juiste gegevens.
De Raad concludeerde dat er geen aanleiding was het oordeel van de rechtbank te wijzigen en bevestigde de afwijzing van het beroep. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht heeft op een WGA-uitkering vanwege voldoende duurzaam benutbare mogelijkheden.