ECLI:NL:CRVB:2013:2014
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bijzondere bijstand voor kosten bankstel en activiteiten over 2010 en 2011
Appellant verzocht bijzondere bijstand voor kosten van een bankstel en activiteiten/abonnementen over 2010 en 2011. Het college wees de aanvraag voor het bankstel en de kosten over 2010 af omdat deze kosten al waren voldaan vóór de aanvraagdatum van 19 februari 2011. Voor 2011 werd bijzondere bijstand toegekend.
Appellant stelde dat hij eerder, in september 2010, een aanvraag had ingediend en dat een ambtenaar hem had geïnformeerd dat hij het bankstel eerst kon kopen en daarna de bon kon inleveren voor bijstand. Deze stellingen werden echter niet ondersteund met concrete en verifieerbare gegevens.
De Raad oordeelde dat bijstand in beginsel niet met terugwerkende kracht wordt verleend en dat geen bijzondere omstandigheden waren aangetoond die hiervan afwijken. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen ondubbelzinnige toezeggingen waren gedaan door een bevoegd orgaan.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van bijzondere bijstand voor kosten over 2010 bevestigd.