ECLI:NL:CRVB:2013:1627
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- M. Hillen
- F. Hoogendijk
- Rechtspraak.nl
Herstel besluit verlaging bijstand wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
De zaak betreft hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam inzake intrekking, terugvordering en verlaging van bijstand aan betrokkene. Appellant, het college van burgemeester en wethouders van Maassluis, had bijstand ingetrokken en teruggevorderd op grond van vermeende schending van de inlichtingenplicht en het beschikken over vermogen boven de vermogensgrens. De rechtbank oordeelde dat intrekking en terugvordering vanaf 12 februari 2010 niet terecht was, maar dat verlaging van de bijstand vanwege een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid door een overboeking naar de bankrekening van haar broer wel gerechtvaardigd was.
Appellant voerde aan dat betrokkene gedurende de gehele periode haar inlichtingenplicht had geschonden en dat zij ondanks de overboeking nog over het vermogen kon beschikken. De Raad stelt dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat betrokkene na 11 februari 2010 nog over het tegoed beschikte, omdat de rekening op naam van haar broer stond en zij geen machtiging had. De Raad bevestigt dat intrekking en terugvordering vanaf die datum onterecht was.
De Raad stelt vast dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat verlaging van de bijstand passend is vanwege het tekortschietend besef van verantwoordelijkheid, maar dat de rechtbank nagelaten heeft appellant de gelegenheid te bieden het besluit over de maatregel te herstellen. De Raad draagt appellant op dit gebrek binnen zes weken te herstellen, rekening houdend met het teruggevorderde bedrag en de overboeking.
Tot slot constateert de Raad dat het bezwaar tegen het buiten behandeling stellen van een nieuwe aanvraag terecht was omdat de intrekking onterecht was. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 3 september 2013.
Uitkomst: Intrekking en terugvordering van bijstand vanaf 12 februari 2010 onterecht; appellant opgedragen het besluit tot verlaging van de bijstand te herstellen.