ECLI:NL:CRVB:2013:1598
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- B.J. van de Griend
- R.C. Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag buitengewoon pensioen en erkenning burger-oorlogsslachtoffer
Appellant, geboren in 1926, diende in februari 2011 twee aanvragen in: een voor een buitengewoon pensioen op grond van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 (Wbp) en een voor erkenning als burger-oorlogsslachtoffer volgens de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Hij baseerde zijn Wbp-aanvraag op vermeende verzetsactiviteiten zoals onderduik, verspreiden van illegale bladen, en deelname aan een schietpartij op de Dam in Amsterdam op 7 mei 1945. De Wubo-aanvraag werd onderbouwd met gezondheidsklachten gerelateerd aan die schietpartij.
De Centrale Bestuurscommissie van de Stichting 1940-1945 kon echter niet bevestigen dat appellant daadwerkelijk deelnam aan verzetsactiviteiten binnen de betekenis van de Wbp. De Raad concludeerde dat alleen de verklaring van appellant onvoldoende was en dat geen aanvullende objectieve gegevens de verzetsactiviteiten ondersteunden. Hoewel appellant lid was van de Binnenlandse Strijdkrachten en aanwezig was bij de schietpartij, was het incidentele karakter van deze gebeurtenis onvoldoende om te spreken van substantieel verzet.
Ten aanzien van de Wubo-aanvraag oordeelde de Raad dat appellant militair was tijdens de schietpartij en dat de Wubo alleen geldt voor burgers die oorlogsschade hebben geleden. Aangezien appellant militair was, viel zijn ervaring niet onder de Wubo. Geen andere relevante oorlogservaringen werden door appellant aangevoerd.
De beroepen tegen de afwijzing van beide aanvragen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van appellant tegen de afwijzing van zijn aanvragen voor buitengewoon pensioen en erkenning als burger-oorlogsslachtoffer worden ongegrond verklaard.