ECLI:NL:CRVB:2013:1013
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens niet meewerken aan huisbezoek en onvoldoende bewijs woonadres
Appellant heeft op 28 oktober 2011 een bijstandsaanvraag ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van Hoogezand-Sappemeer. Het college verzocht appellant meerdere malen om aanvullende gegevens en kondigde huisbezoeken aan om de aanvraag te kunnen beoordelen. Appellant was op de geplande data niet thuis en gaf aan de aankondigingen te laat te hebben ontvangen.
Het college wees de aanvraag af omdat appellant niet meewerkte aan de huisbezoeken en geen bewijs leverde van huurbetalingen of zijn hoofdverblijf op het opgegeven adres. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat hij wel bereid was mee te werken, maar dat de kennisgevingen te kort van tevoren waren gedaan.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt waarom hij de aankondigingen niet tijdig kon lezen en dat hij zonder bericht van verhindering niet aan zijn medewerkingsplicht had voldaan. Hierdoor kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt afgewezen wegens niet meewerken aan huisbezoek en onvoldoende bewijs van woonadres.