ECLI:NL:CRVB:2012:BY8389
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.P.J. Goorden
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling maatmaninkomen en inkomsten uit arbeid bij DGA in WAO-uitkering
Appellant, directeur-grootaandeelhouder van een B.V., ontving een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Het UWV stelde het maatmaninkomen vast en rekende inkomsten uit een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering en pensioendotaties als inkomsten uit arbeid mee. Appellant voerde aan dat deze inkomsten onterecht als zodanig werden aangemerkt en dat het maatmaninkomen onjuist was vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en verwees naar eerdere uitspraken waarin dezelfde problematiek was behandeld. Appellant betoogde dat de afkoop van de particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering en de daaropvolgende betalingen door zijn B.V. niet als inkomsten uit arbeid mochten worden gezien, en dat er sprake was van schending van het eigendomsrecht volgens het EVRM.
De Raad overwoog dat door de afkoop de bestemming van de gelden was komen te vervallen en dat de fiscale kwalificatie van de betalingen als salaris leidend is. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een uitzondering op deze hoofdregel rechtvaardigden. Ook was geen sprake van schending van het eigendomsrecht. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van het maatmaninkomen en de kwalificatie van inkomsten als arbeidsinkomen en wijst het beroep af.