ECLI:NL:CRVB:2012:BY2417
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch inzake een WAJONG-zaak. Tijdens de procedure heeft het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die geheel tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om proceskostenvergoeding.
De Raad heeft het verzoek tot proceskostenveroordeling van het UWV behandeld op basis van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet. Gezien de volledige tegemoetkoming van het UWV acht de Raad het redelijk het UWV te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten die appellant in beroep en hoger beroep heeft gemaakt.
De proceskosten zijn begroot op € 1.550,40, bestaande uit kosten in beroep, hoger beroep en reiskosten. De Raad heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en de uitspraak in het openbaar gedaan op 7 november 2012. De beslissing bevestigt dat het UWV de kosten van appellant moet vergoeden, waarbij appellant zich voor het griffierecht rechtstreeks tot het UWV kan wenden.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 1.550,40 aan proceskosten aan appellant.