ECLI:NL:CRVB:2012:BY2380
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens niet verschijnen op werk ondanks beperkingen
Appellant ontvangt bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en is onderworpen aan arbeidsverplichtingen. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft de bijstand van appellant met 100% verlaagd voor een maand omdat hij zonder bericht niet is verschenen op het aangeboden werk als vrachtwagenchauffeur.
Appellant voerde aan dat het werk niet passend was vanwege zijn medische beperkingen, waaronder astma en zwaarlijvigheid, en dat het college hiervan op de hoogte had moeten zijn. Medische keuringen en adviezen van arbeidsdeskundigen gaven echter aan dat chauffeurswerkzaamheden passend waren, mede gezien zijn arbeidsverleden en eigen wens.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat geen sprake is van het ontbreken van verwijtbaarheid en dat de maatregel conform de Afstemmingsverordening van de gemeente Amsterdam is vastgesteld. Het hoger beroep wordt verworpen en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 100% gedurende een maand wordt bevestigd wegens het niet verschijnen op het aangeboden werk zonder geldige reden.