ECLI:NL:CRVB:2012:BX9904
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek door UWV
Appellant, een taxichauffeur die uitviel door een TIA, ontving een Ziektewetuitkering vanaf 24 mei 2010 wegens migraine en visusklachten. Het UWV besloot op 21 juni 2010 dat appellant geschikt was voor arbeid, waarna appellant bezwaar maakte. Na een bezwaaronderzoek handhaafde het UWV het besluit en beëindigde de Ziektewetuitkering per 22 juni 2010.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, stellende dat appellant geen medische onderbouwing had geleverd voor een toename van zijn beperkingen en dat de belastbaarheid gelijk was gebleven sinds de WIA-beoordeling. Appellant stelde in hoger beroep dat zijn beperkingen waren toegenomen en onvoldoende waren meegewogen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen medische gegevens had overgelegd die een toename van beperkingen aantonen. Het medisch onderzoek door het UWV was zorgvuldig en er was geen wijziging in de mogelijkheden ten aanzien van de hem toegewezen functies. Daarom was de beëindiging van de Ziektewetuitkering terecht en werd het hoger beroep afgewezen.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering is terecht beëindigd omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en er geen toename van beperkingen is vastgesteld.