ECLI:NL:CRVB:2012:BX9668
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens overlijden appellant zonder opvolging
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage. Tijdens de procedure is gebleken dat appellant op 14 september 2011 is overleden. Tot het moment van de zitting op 14 februari 2012 hebben zich geen erfgenamen gemeld die het geding wilden voortzetten. De gemachtigde van appellant heeft aangegeven niet langer op te kunnen treden.
De Raad heeft het onderzoek heropend en een mededeling gedaan in de Staatscourant over de behandeling van de zaak op 11 september 2012. Op die zitting is niemand verschenen namens appellant. De Sociale verzekeringsbank werd vertegenwoordigd door een gemachtigde.
Gezien het ontbreken van een procesbelang en opvolging door erfgenamen heeft de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Dit betekent dat het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld en de bestreden uitspraak van de rechtbank blijft staan.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant is niet-ontvankelijk verklaard wegens overlijden zonder opvolging door erfgenamen.