ECLI:NL:CRVB:2012:BX9649
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.P.M. Zeijen
- J.F. Bandringa
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Ingangsdatum bijstandsuitkering en beoordeling zeer dringende redenen bij verblijf in buitenland
Betrokkene ontving bijstand als alleenstaande ouder, maar deze werd ingetrokken met terugwerkende kracht vanaf 1 juni 2009 vanwege verblijf in de Dominicaanse Republiek. Betrokkene vroeg bijstand aan met terugwerkende kracht, stellende dat haar zoontje ziek was en zij niet kon terugkeren.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van een acute noodsituatie door de medische verklaring van de kinderarts, waardoor zeer dringende redenen bestonden voor bijstand vanaf 18 juli 2009. De periode van 1 juni tot 17 juli 2009 werd echter niet erkend vanwege het ontbreken van bezwaar tegen het intrekkingsbesluit.
De Raad heroverweegt dit en stelt dat de omstandigheden reeds bekend waren bij het intrekkingsbesluit en geen nieuwe feiten zijn aangevoerd. De medische verklaring ondersteunt niet dat het kind het land niet mocht verlaten. Ook de ontstane schulden leiden niet tot een acute noodsituatie. Daarom wordt het beroep van betrokkene afgewezen en het beroep van het college toegewezen, waarmee het bestreden besluit wordt bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college wordt bekrachtigd.