ECLI:NL:CRVB:2012:BX9631
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- O.L.H.W.I. Korte
- Y.J. Klik
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens gezamenlijke huishouding
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB als alleenstaande ouder. Naar aanleiding van een anonieme melding startte de Sociale Recherche Amersfoort een onderzoek naar mogelijke samenwoning met appellant, wat de rechtmatigheid van de bijstand betrof.
Het onderzoek leverde verklaringen van getuigen en een verhoor van appellant op, waaruit bleek dat appellant vanaf september 2005 feitelijk bij appellante woonde en zij een gezamenlijke huishouding voerden. Het college trok daarop de bijstand in en vorderde de kosten terug.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze besluiten ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat het hoofdverblijf van appellant in de woning van appellante lag en dat de gezamenlijke huishouding aanwezig was, ondanks het aanhouden van verschillende adressen.
De intrekking van verklaringen door enkele getuigen werd niet gevolgd, omdat de oorspronkelijke verklaringen ondertekend en gedetailleerd waren en geen aanwijzingen voor onrechtmatigheid bevatten. De subjectieve gevoelens en motieven van appellanten waren niet relevant voor het oordeel over de gezamenlijke huishouding.
Het hoger beroep werd verworpen en de bestreden besluiten bevestigd, zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.