ECLI:NL:CRVB:2012:BX7975
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid en juiste medische beoordeling
Appellant, werkzaam als metaalbewerker, meldde zich ziek vanwege rugklachten en psychische problematiek. Het UWV stelde vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was en weigerde een WIA-uitkering toe te kennen. In bezwaar en beroep voerde appellant aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische beperkingen en rugklachten, en dat het UWV niet had getoetst aan het protocol Aspecifieke Lage Rugpijn (ALR).
De rechtbank oordeelde dat het UWV materieel conform het protocol had gehandeld en dat de beperkingen juist waren vastgesteld, maar stelde een gebrek in de motivering vast omtrent de vermelding van contra-indicaties voor stresserend werk. Het UWV kreeg de gelegenheid dit te herstellen, wat zij niet formeel deed, maar wel toelichtte dat de beperkingen voor bovennormale conflicthantering waren meegenomen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen. In hoger beroep bevestigde de Raad dat het gebrek was hersteld en dat de medische en arbeidskundige beoordeling juist was. De subjectieve pijnklachten waren niet objectief onderbouwd en het protocol ALR was materieel gevolgd. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Appellant heeft geen recht op een WIA-uitkering vanwege onvoldoende arbeidsongeschiktheid en een juiste medische beoordeling.