ECLI:NL:CRVB:2012:BX6625
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.C.P. Venema
- H.J. de Mooij
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vergoeding buitenlandse zorgkosten wegens ontbreken nieuw feit
Appellant had een declaratie ingediend bij VGZ voor ziekenhuisopnamekosten in Turkije van 25 maart tot 13 mei 2002. VGZ weigerde deze vergoeding omdat alleen spoedeisende hulp in het buitenland wordt vergoed. Appellant verzocht later om heroverweging met een brief van een Turkse specialist die de spoedeisendheid bevestigde.
VGZ wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Roermond bevestigde deze afwijzing. In hoger beroep stelde appellant dat de brief een nieuw feit was in de zin van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de brief geen nieuw feit of veranderde omstandigheid bevatte omdat de informatie al bij het oorspronkelijke bezwaar had kunnen worden ingebracht. Daarom was VGZ bevoegd het verzoek af te wijzen met verwijzing naar het eerdere besluit. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het verzoek tot schadevergoeding en rente af.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van in het buitenland gemaakte zorgkosten wordt afgewezen wegens ontbreken van een nieuw feit.