ECLI:NL:CRVB:2012:BX6156
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering te veel betaalde Wuv-uitkering weduwe
Appellante, weduwe van een vervolgde, ontving een periodieke uitkering krachtens de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv). Na het overlijden van haar echtgenoot in maart 2008 werd haar uitkering toegekend en in 2008 en 2009 voorschotten uitgekeerd. Later bleek dat zij hogere pensioeninkomsten had dan aanvankelijk was vastgesteld, waardoor zij in 2008 en 2009 te veel uitkering had ontvangen.
Verweerder stelde de te veel betaalde bedragen vast en vorderde terugbetaling, waarbij de maandelijkse aflossing werd vastgesteld op €100,-. Appellante maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar in beroep betwistte zij niet langer de hoogte van de terugvordering. Wel gaf zij aan dat zij niet direct na het overlijden van haar echtgenoot volledige duidelijkheid kon geven over haar inkomsten en wees zij op het systeem van voorlopige vaststelling dat tot terugvordering kan leiden.
De Raad overwoog dat de terugvordering op grond van dwingende wettelijke bepalingen plaatsvindt en dat appellante de correcties van haar pensioeninkomsten eerder had kunnen doorgeven om onterechte uitbetalingen te voorkomen. Haar beperkte bestedingsruimte was voor de terugvordering niet relevant. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De beroepen van appellante worden ongegrond verklaard en de terugvordering van te veel betaalde Wuv-uitkeringen bevestigd.