ECLI:NL:CRVB:2012:BX3726

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
20 juli 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12-1653 WAZ-PV
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging handhaving mate van arbeidsongeschiktheid volgens WAZ

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om zijn uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) te handhaven met een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. Hij stelde dat het UWV ten onrechte alleen de letter van de wet toepaste en onvoldoende rekening hield met zijn werkelijke situatie, met name dat het inkomen dat hij daadwerkelijk verdiende in plaats van zijn fiscale inkomen betrokken had moeten worden bij de beoordeling.

De rechtbank Leeuwarden heeft de beroepsgronden van appellant onderzocht en geoordeeld dat deze niet slagen. De rechtbank heeft de gronden op juiste wijze weergegeven en gemotiveerd waarom deze niet tot een ander oordeel leiden. De Centrale Raad van Beroep sluit zich volledig aan bij deze overwegingen en verklaart het beroep ongegrond.

Daarnaast benadrukt de Raad dat de rechter niet bevoegd is om de billijkheid van de wettelijke bepalingen te beoordelen, waarmee de handhaving van de mate van arbeidsongeschiktheid volgens de wet rechtmatig is. De uitspraak is in het openbaar gedaan en het proces-verbaal is opgemaakt door de griffier en voorzitter van de kamer.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de handhaving van de mate van arbeidsongeschiktheid op 45 tot 55%.

Uitspraak

12/1653 WAZ-PV
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden van 2 februari 2012, 11/1073 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 20 juli 2012
Zitting heeft: mr. I.M.J. Hilhorst-Hagen
Griffier: J.R. Baas
Ter zitting zijn verschenen: Appellant en het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door
mr. F.H.M.A. Swarts.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:
Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen de beslissing op bezwaar van 31 maart 2011 ongegrond verklaard. Bij dit besluit heeft het Uwv zijn besluit van 1 februari 2011, het met ingang van 1 januari 2009 uitbetalen van appellants uitkering ingevolge de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) als ware de mate van zijn arbeidsongeschiktheid 45 tot 55%, gehandhaafd.
Appellant heeft zich in hoger beroep met name op het standpunt gesteld dat ten onrechte uitsluitend naar de letter van de wet is gekeken en geen rekening is gehouden met de werkelijke situatie. Het Uwv zou in zijn geval het inkomen dat daadwerkelijk door hem verdiend is bij de berekening van de hoogte van zijn mate van arbeidsongeschiktheid moeten betrekken en niet zijn fiscale inkomen.
De rechtbank heeft de bij haar ingediende beroepsgronden, die nagenoeg overeenkomen met de gronden zoals in hoger beroep aangevoerd, op juiste wijze in de aangevallen uitspraak weergegeven. De rechtbank heeft deze gronden beoordeeld en aangegeven waarom deze gronden niet slagen. De rechtbank heeft dit met juistheid gedaan. De Raad stelt zich dan ook volledig achter de overwegingen van de rechtbank en maakt deze tot de zijne. Daaraan wordt toegevoegd dat de rechter niet de billijkheid van de wettelijke bepalingen mag beoordelen.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(get.) J.R. Baas (get.) I.M.J. Hilhorst-Hagen
Voor eensluidend afschrift
de griffier van de
Centrale Raad van Beroep
EV