ECLI:NL:CRVB:2012:BX3417
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- J.J.A. Kooijman
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet gemelde werkzaamheden
Appellanten ontvingen bijstand sinds 2003. Na een heronderzoek waarbij kasstortingen op bankafschriften werden geconstateerd, stelde de sociale recherche een onderzoek in naar werkzaamheden van appellant bij een pizzeria. Het college trok de bijstand in over de periode maart 2007 tot november 2008 en vorderde de kosten terug wegens niet gemelde werkzaamheden. Appellanten voerden aan dat appellant slechts als chauffeur kennis opdeed en geen op geld waardeerbare werkzaamheden verrichtte.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. In hoger beroep betoogden appellanten dat zij de werkzaamheden niet hoefden te melden en dat de ingangsdatum van werkzaamheden onjuist was vastgesteld. De Raad oordeelde dat de activiteiten in een economische setting plaatsvonden en dat appellanten de inlichtingenverplichting schonden door dit niet te melden. Ook de ingangsdatum van 1 februari 2008 was terecht vastgesteld op basis van verklaringen tijdens de hoorzitting.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraken en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 24 juli 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.