ECLI:NL:CRVB:2012:BX3213
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Arnhem, maar werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald.
Appellant deed vervolgens verzet tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De Raad behandelde het verzet op zitting, waar partijen niet verschenen. De Raad overwoog dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat de betalingstermijn niet was overschreden of dat hem dit redelijkerwijs niet kon worden tegengeworpen.
De stelling van appellant dat hij het griffierecht niet kon betalen werd verworpen omdat hij geen verzoek tot uitstel had ingediend. De Raad zag geen reden om af te wijken van het eerdere oordeel en verklaarde het verzet ongegrond. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.