ECLI:NL:CRVB:2012:BX0252
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor maatstaf arbeid als productiemedewerker
Appellant was werkzaam als productiemedewerker en viel uit met rug- en nekklachten. Na een korte werkhervatting in een andere functie, die als mislukt werd beschouwd, werd het werk als productiemedewerker als maatstaf arbeid vastgesteld. Het UWV besloot op basis van medisch onderzoek dat appellant geschikt was voor deze arbeid en beëindigde het recht op ziekengeld.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat appellant onvoldoende medische onderbouwing leverde om het oordeel aan te vechten. In hoger beroep voerde appellant aan dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat de werkomstandigheden na zijn uitval waren verbeterd.
De Raad overwoog dat de maatstaf arbeid moet worden beoordeeld op de omstandigheden ten tijde van de datum in geding en dat de medische beoordeling voldoende gemotiveerd en overtuigend was. De aanvullende medische rapportage bevestigde dat de belasting van zittend werk niet de belastbaarheid van een diabetespatiënt overschrijdt. Omdat appellant geen nieuwe medische informatie aanleverde, werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het recht op ziekengeld wordt beëindigd omdat appellant geschikt is voor zijn maatstaf arbeid.