ECLI:NL:CRVB:2012:BX0177
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en intrekking bijstand wegens niet opgegeven inkomsten uit verkoop goederen
Appellant ontving sinds 2003 bijstand en deed regelmatig kasstortingen en ontvangsten van derden op zijn bankrekening. Hij verklaarde dat deze voortkwamen uit de verkoop van vissportbenodigdheden en geluidsboxen. Het college stelde na onderzoek vast dat deze kasstortingen en bijschrijvingen als inkomsten moesten worden aangemerkt en herzag de bijstand over de periode 2005-2009.
Appellant voerde aan dat de kasstortingen leningen waren van familieleden, maar kon dit onvoldoende aannemelijk maken. Ook stelde hij dat de verkopen incidenteel waren en geen inkomsten opleverden, maar de Raad oordeelde dat gezien de frequentie van de verkopen sprake was van reguliere inkomsten. Tevens werd geoordeeld dat appellant niet had voldaan aan zijn meldingsplicht omtrent deze inkomsten.
Het college was bevoegd de bijstand over de betreffende maanden te herzien en terug te vorderen. Appellant betwistte dit niet. De Raad verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Arnhem. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening en intrekking van de bijstand worden bevestigd.