ECLI:NL:CRVB:2012:BW7701
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet-melding vermogen in Marokko
Appellanten ontvingen vanaf 1989 tot 2009 bijstand, maar het college trok deze bijstand in en vorderde de kosten terug nadat bleek dat appellant in Marokko als eigenaar stond ingeschreven van een onderneming en een zakelijke bankrekening had, zonder dit te melden.
Het college stelde vast dat appellanten onvoldoende informatie verstrekten over de bankrekening en economische activiteiten, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Appellanten voerden aan dat de onderneming door de broer werd gedreven en zij geen beschikking hadden over de gelden, maar konden dit niet met verifieerbare stukken onderbouwen.
De Raad oordeelde dat het college bevoegd was de bijstand in te trekken en terug te vorderen op grond van de Wet werk en bijstand. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet-melding van vermogen en onvoldoende bewijs van het ontbreken van beschikkingsmacht.