ECLI:NL:CRVB:2012:BW7567
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over toekenning loongerelateerde WGA-uitkering en herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Betrokkene, werknemer bij appellante, meldde zich ziek vanwege contacteczeem en psychische klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde aanvankelijk vast dat betrokkene minder dan 35% arbeidsongeschikt was en wees de uitkering af. Na bezwaar wijzigde de bezwaarverzekeringsarts de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en stelde de bezwaararbeidsdeskundige dat onvoldoende functies resteren voor een theoretische verdiencapaciteit, waarna het UWV een loongerelateerde WGA-uitkering toekende met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en oordeelde dat het UWV terecht geen reële arbeidsongeschiktheid bij aanvang aannam. Appellante stelde in hoger beroep dat er bij aanvang al beperkingen waren en dat het UWV onvoldoende onderbouwing gaf voor aanpassing van het aantal uren lopen. De Raad bevestigde dat het UWV terecht geen arbeidsongeschiktheid bij aanvang aannam en zag geen aanleiding de medische beoordeling te betwijfelen.
De Raad stelde echter vast dat de bezwaararbeidsdeskundige niet volstond met het vervallen van één functie en dat het CBBS opnieuw had moeten worden geraadpleegd gezien de gewijzigde FML. Daarom draagt de Raad het UWV op binnen zes weken het gebrek in het besluit te herstellen door een nieuwe beoordeling met het CBBS. Tevens merkte de Raad op dat herstel van huidafwijkingen mogelijk is en dat het UWV niet op het verzoek tot herkeuring heeft gereageerd.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen het besluit te herstellen door een herbeoordeling met het CBBS binnen zes weken.