ECLI:NL:CRVB:2012:BW7238
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep tegen het besluit van het UWV tot afwijzing van een WAO-uitkering ongegrond verklaarde.
Het UWV had het verzoek van appellant om een arbeidsongeschiktheidsuitkering afgewezen omdat niet was gebleken dat appellant vanaf 9 december 1982 onafgebroken arbeidsongeschikt was geweest gedurende de vereiste wachttijd van 52 weken.
De rechtbank heeft de aangevoerde gronden van appellant in het beroep afdoende besproken en gemotiveerd waarom deze niet slaagden. In hoger beroep heeft appellant geen nieuwe gezichtspunten aangevoerd. De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij het oordeel van de rechtbank en bevestigt de uitspraak, waarmee het hoger beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.