ECLI:NL:CRVB:2012:BW6323
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen beëindiging ZW-uitkering wegens termijnoverschrijding
Appellant was tot 25 september 2009 werkzaam als milieulaborant en meldde zich met terugwerkende kracht ziek vanaf 10 december 2009. Het UWV verklaarde hem per 6 september 2010 weer volledig geschikt en beëindigde zijn ziekengelduitkering. Appellant maakte op 2 januari 2011 bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De rechtbank bevestigde deze niet-ontvankelijkheid omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij door zijn psychische klachten niet tijdig bezwaar kon maken. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij door ernstige psychische problemen en een huisverbod niet in staat was tijdig bezwaar in te dienen. Hij verbleef tijdelijk in een maatschappelijke opvang en was zelfs in verzekering gesteld.
De Raad oordeelde dat de psychische klachten van appellant niet zodanig waren dat hij niet, eventueel met hulp, tijdig bezwaar had kunnen maken. De medische verklaringen en rapportages van de bezwaarverzekeringsarts ondersteunden dit oordeel. Er was geen nieuwe medische informatie die tot een ander oordeel zou leiden. Daarom werd het hoger beroep verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de beëindiging van de ZW-uitkering is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.