ECLI:NL:CRVB:2012:BW6278
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.J. Simon
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering wegens voldoende medische grondslag
Appellant, voormalig productiemedewerker, ontving sinds 1998 een WAO-uitkering wegens psychische klachten. Na diverse medische beoordelingen en bezwaarprocedures werd de uitkering in 2008 ingetrokken en herzien naar een lagere mate van arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij de medische grondslag en de geschiktheid voor de aan appellant toegewezen functies voldoende achtte.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren over de medische beoordeling, onder meer met nieuwe informatie over behandeling bij Altrecht. De Raad volgde echter de eerdere conclusies dat er geen aanwijzingen waren voor onderschatting van beperkingen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en dat de diagnose en behandeling adequaat waren vastgesteld. Ook de geschiktheid voor de functies werd bevestigd.
De Raad zag geen reden om een deskundige psychiater aan te stellen en concludeerde dat het hoger beroep ongegrond is. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd, waarmee de herziening van de WAO-uitkering rechtsgeldig blijft.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de herziening van de WAO-uitkering bevestigd.