ECLI:NL:CRVB:2012:BW1742
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek premierestitutie wegens ontbreken nieuwe feiten of veranderde omstandigheden
Appellante, Politie Brabant Zuidoost, verzocht om restitutie van onverschuldigd betaalde premies werknemersverzekeringen over de jaren 2002 tot en met 2004, naar aanleiding van een gewijzigd standpunt van de Belastingdienst over de Tijdelijke Ouderenregeling (TOR).
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) wees het verzoek af omdat geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die herziening rechtvaardigen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat veranderde jurisprudentie geen grond is voor herziening van een rechtens onaantastbaar besluit.
In hoger beroep bevestigde de Raad dit oordeel, verwijzend naar eerdere uitspraken met dezelfde inhoud en benadrukte dat de aanwezigheid van een professionele rechtsbijstandverlener wijst op bekendheid met de bezwaartermijn. Tevens werd geoordeeld dat het beroep op het Europees recht onvoldoende onderbouwd is.
De Raad concludeerde dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro niet is overschreden en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot premierestitutie bevestigd.