ECLI:NL:CRVB:2012:BW0173
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding opleiding nagelstyliste wegens ontbreken baangarantie
Appellante vroeg het UWV om vergoeding van de kosten voor een opleiding tot nagelstyliste terwijl zij een WW-uitkering ontving. Het UWV wees dit verzoek af omdat de opleiding zonder baangarantie niet de kortste weg naar werk vormde. Er was geen concrete vacature en de kansen op betaald werk als nagelstyliste waren klein.
Appellante maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar het UWV handhaafde het besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het UWV binnen haar beoordelingsvrijheid had gehandeld en het besluit voldoende had gemotiveerd.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt dat het UWV ten onrechte de opleiding als niet noodzakelijk had beoordeeld. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het UWV beoordelingsvrijheid heeft bij de noodzaak van scholing en dat het beleid terughoudend wordt getoetst. Gezien het ontbreken van concrete vacatures en de geringe baankansen was de afwijzing redelijk.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag voor vergoeding van de opleiding tot nagelstyliste is terecht afgewezen wegens het ontbreken van een concrete vacature en geringe baankansen.