ECLI:NL:CRVB:2012:BV8088
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- J.J.T. van den Corput
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering en weigering ZW-uitkering wegens voldoende arbeidsvermogen
Appellante, voormalig teamleidster, kreeg aanvankelijk een WAO-uitkering op basis van 80-100% arbeidsongeschiktheid toegekend. Na een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek werd haar uitkering herzien naar 55-65% arbeidsongeschiktheid. Het UWV weigerde tevens een Ziektewetuitkering toe te kennen, omdat appellante geschikt werd geacht haar eigen werk te verrichten.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar beperkingen ernstiger waren dan vastgesteld, met verwijzing naar medische rapporten over epileptische aanvallen, CVS, en andere klachten. De Raad oordeelde echter dat de medische onderzoeken zorgvuldig waren uitgevoerd en dat de functionele beperkingen adequaat waren vastgelegd in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
Ook de arbeidskundige beoordeling werd als deugdelijk beoordeeld, waarbij de functies die appellante geacht werd te kunnen vervullen passend waren. De Raad vond geen aanleiding om de eerdere besluiten te herzien, bevestigde het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de herziening van de WAO-uitkering en de weigering van de ZW-uitkering, en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de bestreden besluiten worden bevestigd.