ECLI:NL:CRVB:2012:BV3877
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening weigering Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant verzocht om herziening van een besluit van het UWV waarin hem een Wajong-uitkering werd geweigerd omdat hij niet 52 weken onafgebroken arbeidsongeschikt was geweest. Het UWV wees dit verzoek af omdat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en overwoog dat de medische complicaties van appellant zich voordeden vóór het oorspronkelijke besluit, zodat deze geen nieuwe feiten vormden. Tevens stelde de rechtbank dat appellant niet in aanmerking kwam voor de uitkering omdat de wachttijd niet was voltooid.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt zonder nieuwe gronden of medische gegevens aan te voeren. De Centrale Raad van Beroep onderschreef de motivering van de rechtbank en bevestigde de afwijzing van het verzoek om herziening. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de weigering van een Wajong-uitkering wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.