ECLI:NL:CRVB:2012:BV3367
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij re-integratievisie
Appellante stelde in hoger beroep dat het voorschakeltraject onderdeel is van een verdere re-integratie en dat zij financieel belang heeft omdat zij meent een deel van haar re-integratiebudget te hebben gebruikt. Het UWV stelde dat appellante geen procesbelang heeft omdat het voorschakel- en re-integratietraject in november 2009 is afgesloten en zij geen persoonlijk IRO-budget bezit.
De rechtbank had het beroep tegen het besluit van 13 oktober 2009 niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het besluit van 10 juni 2010 ongegrond. In hoger beroep heeft de Raad vastgesteld dat appellante geen re-integratieverplichtingen meer heeft en geen financieel risico loopt door de re-integratievisie van 6 oktober 2009.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens het ontbreken van enig procesbelang. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door J.P.M. Zeijen en griffier Z. Karekezi op 2 februari 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.