ECLI:NL:CRVB:2011:BU8392
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek en urenbeperking
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering per 3 november 2008 te weigeren wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen voldoende gemotiveerd hadden vastgesteld dat appellante met een urenbeperking van vier uur per dag en twintig uur per week belastbaar was.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij volledig arbeidsongeschikt was vanwege pijn-, vermoeidheids- en psychische klachten, mede veroorzaakt door belastende privéomstandigheden. Zij verwees naar het oordeel van de bedrijfsarts en nieuwe verklaringen van medisch en maatschappelijk personeel, en verzocht om een onafhankelijk medisch deskundige.
De Raad volgde de rechtbank en oordeelde dat het medisch onderzoek door de verzekeringsartsen zorgvuldig en uitvoerig was, waarbij ook informatie van de behandelend sector en bedrijfsarts was betrokken. De Raad vond geen objectief-medische onderbouwing voor volledige arbeidsongeschiktheid en achtte de urenbeperking passend. Ook de arbeidskundige beoordeling werd als voldoende gemotiveerd beschouwd.
De Raad wees het verzoek tot raadpleging van een onafhankelijk deskundige af en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid met passende urenbeperking.