ECLI:NL:CRVB:2011:BT8936
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaren tegen besluiten bijstand en terugvordering
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen betreffende de definitieve vaststelling van bijstand over 2000 en terugvorderingen uit 2004. Het College verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond met het oordeel dat de besluiten naar het juiste adres waren verzonden.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het College niet aannemelijk heeft gemaakt dat de primaire besluiten daadwerkelijk aan appellant zijn verzonden. De besluiten waren niet aangetekend en er ontbraken verzendgegevens. Appellant stelde dat hij de besluiten pas jaren later ontving, wat niet overtuigend is weerlegd door het College.
De Raad stelt dat het College onvoldoende bewijs leverde van ontvangst en dat de brieven die appellant eerder ontving niet als juiste bekendmaking kunnen gelden. Hierdoor is de termijn voor bezwaar niet correct gestart en zijn de bezwaren tijdig ingediend.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en de besluiten die de bezwaren niet-ontvankelijk verklaarden. Het College wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen op de bezwaren. Tevens wordt het College veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De niet-ontvankelijkverklaring van de bezwaren wordt vernietigd en het College wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen.