ECLI:NL:CRVB:2011:BS1174
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens niet-nakoming inlichtingenverplichting en woonsituatie
Appellant, die sinds 1996 bijstand ontving, vroeg in augustus 2008 opnieuw bijstand aan met een opgegeven woonadres. Tijdens het onderzoek bleek dat hij feitelijk woonde bij mevrouw B. op een ander adres, waarbij twijfel ontstond over het bestaan van een gezamenlijke huishouding. Het College wees de aanvraag af vanwege het verstrekken van onjuiste informatie en het niet kunnen vaststellen van het recht op bijstand.
Appellant voerde bezwaar aan en ontkende een gezamenlijke huishouding, maar reageerde niet op nadere vragen van het College over zijn woon- en leefsituatie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat sprake was van een gezamenlijke huishouding.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat de rechtbank buiten de grenzen van het geding is getreden door een andere grondslag te hanteren dan het bezwaarbesluit. De Raad vernietigt daarom het vonnis en geeft zelf een oordeel: appellant heeft zijn inlichtingenverplichting niet nagekomen, waardoor het College het recht op bijstand niet kon vaststellen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het College wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat appellant zijn inlichtingenverplichting niet is nagekomen, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.