ECLI:NL:CRVB:2011:BR6591
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- A.J. Schaap
- B.W.N. de Waard
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen verlaging uitkeringspercentage na overlijden echtgenoot
Appellant, erkend als vervolgde in de zin van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv), maakte bezwaar tegen de verlaging van zijn uitkering na het overlijden van zijn echtgenote. Hij betwistte de korting op zijn uitkering en uitte onbegrip over de wijze waarop de AOW-uitkering van zijn overleden echtgenote werd betrokken bij de berekening.
De Raad overwoog dat artikel 10 van Pro de Wuv het uitkeringspercentage regelt en dat bij overlijden van de echtgenoot het percentage ongewijzigd blijft tot en met de laatste dag van de maand volgend op het overlijden. Verweerder had de berekeningsbeslissing van 30 november 2009 correct uitgevoerd conform dit dwingendrechtelijke artikel.
De Raad wees erop dat de korting op de Wuv-uitkering in verband met de AOW-inkomsten van de overleden echtgenote niet onderdeel was van het bestreden besluit en daarom buiten deze procedure viel. Gezien deze overwegingen verklaarde de Raad het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen de verlaging van zijn Wuv-uitkering na het overlijden van zijn echtgenoot wordt ongegrond verklaard.