ECLI:NL:CRVB:2011:BR6412
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- W.F. Claessens
- M. Hillen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsuitkering en toeslag wegens ontbreken hoofdverblijf en woonkosten
Appellant diende op 20 oktober 2008 een aanvraag om bijstand in met als hoofdverblijf een adres te Lelystad, waar hij echter niet daadwerkelijk verbleef. Na onderzoek door de gemeente, inclusief huisbezoeken en waarnemingen, concludeerde het College dat appellant niet op het opgegeven adres woonde. De aanvraag werd daarom afgewezen wegens schending van de inlichtingenplicht.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij wel op het adres woonde en vanaf april 2009 woonkosten had. De Raad oordeelde dat de onderzoeksbevindingen voldoende waren om te concluderen dat appellant niet op het opgegeven adres verbleef. De verklaring van een achterbuurman werd vanwege de summiere en achteraf opgestelde aard niet zwaarwegend geacht.
Ten aanzien van de toeslag op de bijstand werd vastgesteld dat appellant geen woonkosten had gedurende de beoordelingsperiode. Het College had de toeslag terecht geweigerd op grond van de gemeentelijke verordening die geen toeslag verleent indien geen woonkosten worden gemaakt.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee de eerdere uitspraken van de rechtbank en zag geen aanleiding om appellant in de proceskosten te veroordelen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvraag en weigering van toeslag wegens ontbreken hoofdverblijf en woonkosten.