ECLI:NL:CRVB:2011:BR2409
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld wegens geschiktheid voor functie zeilmaker ondanks toegenomen beperkingen
Appellant, werkzaam in de tuinbouw, meldde zich in 2004 ziek en kreeg in 2006 een WIA-uitkering geweigerd wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid. Na toename van klachten in 2007 werd hem op 29 december 2008 het recht op ziekengeld ontzegd omdat hij geschikt werd geacht voor ten minste één van de geselecteerde functies, namelijk productiemedewerker textiel/zeilmaker.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig was en appellant terecht geschikt werd bevonden. Appellant voerde in hoger beroep aan dat aanvullende medische informatie zijn beperkingen aantoonde, maar de Raad concludeerde dat deze informatie onvoldoende was om het oordeel te wijzigen.
De Raad stelde vast dat de bezwaarverzekeringsarts beschikte over specialistische informatie en dat de functie van zeilmaker niet als fysiek zwaar wordt beschouwd. Er was geen sprake van onzorgvuldige voorbereiding of onvoldoende motivering van het besluit. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het besluit van het UWV bevestigd dat appellant geschikt is voor de functie van zeilmaker en geen recht heeft op ziekengeld.