ECLI:NL:CRVB:2011:BR1089
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende medische beperkingen per 26 april 2009
Appellante stelde in hoger beroep dat zij op medische gronden niet in staat was tot arbeid, onderbouwd met rapportages van een revalidatiecentrum en een psychiatrische expertise. De rechtbank Utrecht had het beroep ongegrond verklaard en het besluit van het UWV bevestigd om de WAO-uitkering in te trekken per 26 april 2009, omdat uit medische en arbeidskundige rapportages bleek dat appellante geschikte functies kon vervullen.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat de nieuwe medische informatie niet ziet op de datum in geding en onvoldoende aanknopingspunten biedt voor ernstiger beperkingen dan reeds aangenomen. De psychiatrische rapportage van december 2010 en het huisartsenjournaal van mei 2009 tonen aan dat de ernstige depressieve stoornis pas later ontstond.
De Raad concludeerde dat de functies waarop de arbeidsdeskundigen zich baseerden geen belastingen bevatten die de mogelijkheden van appellante te boven gaan. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 26 april 2009 wordt bevestigd wegens onvoldoende medische beperkingen.