ECLI:NL:CRVB:2011:BR0168
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende beperkingen
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om geen WIA-uitkering toe te kennen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 28 september 2009 een juiste weergave gaf van de beperkingen van appellant.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn stelling dat hij vanwege psychische problemen geen duurzaam benutbare mogelijkheden had per 14 april 2009, onderbouwd met een brief van zijn psychiater. De Raad overwoog dat deze nieuwe argumenten geen aanleiding gaven het eerdere oordeel te wijzigen, mede omdat geen aanvullende medische gegevens waren overgelegd.
De Raad concludeerde dat appellant in staat was de voorgelegde functies te vervullen, ook waar het samenwerken betreft, omdat dit beperkte deeltaakfuncties betrof. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens voldoende vastgestelde functionele mogelijkheden.