ECLI:NL:CRVB:2011:BQ8544
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar intrekking bijstand wegens termijnoverschrijding
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en verbleef te lang in het buitenland, waardoor het College de bijstand introk met ingang van 17 november 2008. Het College stuurde de relevante brieven en het besluit naar het bij hen bekende woonadres van appellant, maar niet naar zijn contactpersoon, ondanks dat deze op de hoogte was gesteld van de situatie. De Raad oordeelt dat het besluit niet op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt, waardoor de bezwaartermijn pas bij terugkeer in Nederland op 8 februari 2009 aanving.
Appellant diende het bezwaarschrift echter pas op 15 juni 2009 in, ruim na het verstrijken van de termijn. Hij voerde aan dat hij door een medewerker van de gemeente verkeerd was geïnformeerd over de mogelijkheid bezwaar te maken, maar de Raad acht dit niet voldoende om het verzuim te verontschuldigen. Ook het ontbreken van tijdige hulp bij taalproblemen is voor risico van appellant.
De rechtbank had het bezwaar tegen het intrekkingsbesluit niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en de Raad bevestigt dit oordeel. Het hoger beroep wordt verworpen en de rechtsgevolgen van het besluit van 14 juli 2009 blijven in stand. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het bezwaar tegen het intrekkingsbesluit is niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn.