ECLI:NL:CRVB:2011:BQ7336
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over omvang persoonsgebonden budget huishoudelijke hulp bij kinderen ouder dan vier jaar
Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Katwijk had aan betrokkene een persoonsgebonden budget toegekend voor huishoudelijke hulp, waarbij het aantal uren in de loop van de tijd werd verlaagd. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze vermindering, waarop de rechtbank het besluit van het College vernietigde en een nieuw besluit op het bezwaar beval. De rechtbank oordeelde dat betrokkene vanwege de samenstelling van het gezin recht had op een indicatie voor drie keer per week wassen van kleding, omdat het ging om een huishouden met kleine kinderen.
Het College stelde in hoger beroep dat de kinderen van betrokkene ouder waren dan vier jaar en daarom niet als kleine kinderen konden worden aangemerkt, zoals bedoeld in de beleidsregels. Volgens het College is het begrip kleine kinderen beperkt tot kinderen jonger dan vier jaar, omdat zij nog niet zindelijk zijn en daardoor vaker wassen nodig is.
De Raad volgde het College en oordeelde dat de kinderen van betrokkene, die tussen de 6 en 14 jaar waren, niet als kleine kinderen kunnen worden beschouwd. De Raad hechtte daarbij waarde aan de tabel in het Protocol Gebruikelijke Zorg, waarin staat dat kinderen vanaf vijf jaar overdag en ’s nachts grotendeels zindelijk zijn. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond, omdat het College niet in strijd had gehandeld met de compensatieplicht uit de Wmo.
De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en sprak het vonnis uit op 18 mei 2011.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit van het College gehandhaafd.