ECLI:NL:CRVB:2011:BQ3651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- T. Hoogenboom
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering afgewezen wegens onvoldoende arbeidskundige grondslag
Appellant maakte bezwaar tegen de herziening van zijn WAO-uitkering, die door het UWV was verlaagd van 80-100% naar 15-25% arbeidsongeschiktheid per 2 oktober 2008. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en wees het beroep tegen het tweede besluit af.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen werden onderschat en dat de functies waarop de schatting was gebaseerd niet geschikt waren. De Raad oordeelde dat geen nieuwe medische informatie was ingebracht en bevestigde dat de medische beperkingen juist waren vastgesteld.
De Raad stelde echter vast dat de functie van leerplichtambtenaar met nummer 9011-0071-002 niet bij de schatting kon worden betrokken vanwege de beperkte belastbaarheid voor trappenlopen, wat essentieel is voor die functie. Hierdoor resteerden slechts twee functies met verschillende Sbc-codes, wat onvoldoende grondslag bood voor de herziening.
De Raad vernietigde daarom het besluit tot verlaging van de WAO-uitkering per 2 oktober 2008 en bepaalde dat de mate van arbeidsongeschiktheid ongewijzigd 80 tot 100% bleef. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering per 2 oktober 2008 wordt vernietigd en de arbeidsongeschiktheid blijft 80 tot 100%.