ECLI:NL:CRVB:2011:BQ0338
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding bij aanvraag bijstand
Appellant diende op 5 juni 2008 een aanvraag om algemene bijstand in, maar verscheen niet op een gesprek en leverde niet tijdig gevraagde stukken aan. Het College stelde de aanvraag op 5 augustus 2008 buiten behandeling en vorderde voorschotten terug. Appellant maakte pas op 10 april 2009 bezwaar tegen dit besluit, wat het College niet-ontvankelijk verklaarde wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellant binnen twee weken na het intakegesprek bezwaar had moeten maken. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij het besluit niet had ontvangen en direct bezwaar had gemaakt zodra hij het kende.
De Raad oordeelde dat appellant bekend moet zijn geweest met het besluit, gelet op zijn nieuwe aanvraag in oktober 2008 en eerdere ervaringen met soortgelijke besluiten. De bezwaartermijn begon op 7 augustus 2008 en was op 17 september 2008 verstreken. Het bezwaar van april 2009 was dus te laat en niet verschoonbaar. Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare reden.