ECLI:NL:CRVB:2011:BP8129
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen uitblijven beslissing langdurigheidstoeslag
Appellant diende op 15 oktober 2008 een aanvraag in voor een langdurigheidstoeslag op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College verzocht appellant op 25 november 2008 om aanvullende gegevens, waarbij de afhandeling werd opgeschort. Op 10 december 2008 stelde het College de aanvraag buiten behandeling wegens het niet aanleveren van de gevraagde informatie.
Appellant maakte op 13 februari 2009 bezwaar tegen het uitblijven van een beslissing en verzocht om vergoeding van rechtsbijstandskosten. Het College verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en wees het verzoek af, stellende dat tijdig was beslist met het besluit van 10 december 2008.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Raad dat het besluit van 10 december 2008 tijdig en rechtsgeldig was genomen en bekendgemaakt, waarbij de ontkenning van ontvangst door appellant ongeloofwaardig werd geacht. De Raad oordeelde dat er geen sprake was van een besluit dat gelijkgesteld kan worden aan het niet tijdig nemen van een besluit.
De Raad liet de beroepsgrond over het buiten behandeling stellen van de aanvraag buiten beschouwing, omdat dit besluit niet ter beoordeling stond. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.