ECLI:NL:CRVB:2011:BP6504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen WIA-uitkeringsaanvraag door UWV
Appellante maakte bezwaar tegen het niet tijdig beslissen door het UWV op haar aanvraag om een WIA-uitkering. Het UWV verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat appellante de aanvraagformulieren voor de WIA-uitkering niet had geretourneerd, ondanks ontvangst daarvan.
De rechtbank oordeelde dat de aanvraag die appellante in november 2006 had gedaan betrekking had op een Ziektewet-melding en niet op een WIA-uitkering. Hierdoor was er geen sprake van een niet tijdige beslissing op een WIA-aanvraag en was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank bevestigde ook dat het UWV mocht afzien van een hoorzitting.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt, maar de Centrale Raad van Beroep vond dat de rechtbank de zaak juist had beoordeeld en bevestigde het vonnis. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het bezwaar tegen het niet tijdig beslissen op de WIA-aanvraag terecht niet-ontvankelijk is verklaard.