ECLI:NL:CRVB:2011:BP5041
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing proceskostenvergoeding in bezwaarprocedure tegen besluiten Minister OCW
Appellante maakte bezwaar tegen twee besluiten van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en verzocht om vergoeding van proceskosten. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit omdat de Minister niet had beslist over de proceskostenvergoeding, maar oordeelde inhoudelijk dat geen vergoeding toekwam omdat de gemachtigde geen proceshandelingen had verricht die vergoeding rechtvaardigen.
In hoger beroep stelde appellante dat de rechtbank ten onrechte de rechtsgevolgen van het besluit in stand had gelaten en dat de gemachtigde wel proceshandelingen had verricht. De Raad overwoog dat appellante zelf het bezwaarschrift en nadere gronden had ingediend en dat de gemachtigde zich pas later beperkte tot verzoeken om dossierinzage en proceskostenvergoeding, wat geen proceshandelingen in de zin van het Besluit proceskosten bestuursrecht oplevert.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak betreft alleen het bezwaar tegen het eerste besluit, omdat appellante tegen het tweede besluit geen beroepsgronden had aangevoerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd zonder toekenning van proceskostenvergoeding.