ECLI:NL:CRVB:2011:BP4351
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen weigering WIA-uitkering wegens te late indiening
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het UWV waarin hem een WIA-uitkering werd geweigerd. Het bezwaar werd door het UWV niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet tijdig was ingediend. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat niet was gebleken dat appellant wegens psychische problemen buiten staat was zijn belangen te behartigen en tijdig bezwaar te maken.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat ernstige psychische klachten hem belemmerden om tijdig bezwaar te maken. Hij verwees naar medische rapportages ter onderbouwing. De Raad beoordeelde deze stukken en concludeerde dat er onvoldoende medische aanknopingspunten waren om de stelling van appellant te honoreren. De bezwaarverzekeringsarts stelde dat appellant niet buiten staat was tijdig bezwaar te maken, mede omdat hij in de bezwaarperiode een WW-uitkering had aangevraagd en een werkcoach had bezocht.
De Raad oordeelde dat de brief van de GZ-psycholoog geen relevante informatie bevatte over de bezwaarperiode en dat de rapportage van Bounce geen medische redenen gaf om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. Daarom bevestigde de Raad het oordeel van de rechtbank dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant tegen de weigering van een WIA-uitkering is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder geldige medische reden.