ECLI:NL:CRVB:2011:BP2550
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en aanvraagtermijn Tijdelijke regeling eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening
De Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft in hoger beroep geoordeeld over een geschil tussen de Sociale Verzekeringsbank (Svb) en een betrokkene omtrent de Tijdelijke regeling eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening (TRP).
De Svb had de aanvraag van betrokkene afgewezen wegens overschrijding van de aanvraagtermijn. De rechtbank had dit besluit vernietigd omdat de Svb de uiterste aanvraagdatum uit coulance had verschoven en geen hoorzitting had gehouden. De Svb stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat de CRvB niet bevoegd was en dat de aanvraagtermijn fataal was.
De CRvB oordeelde dat zij wel bevoegd is omdat de TRP nauw verwant is aan sociale zekerheidswetten binnen haar rechtsmacht. De Raad bevestigde dat de aanvraagtermijn fataal is en dat de Svb deze niet mocht overschrijden, ook al was er coulance. De Svb had de uiterste datum tweemaal verschoven zonder dit te publiceren, wat een bestendige gedragslijn vormt die consistent is toegepast.
De Raad stelde vast dat het niet houden van een hoorzitting in bezwaar onrechtmatig was, waardoor het bestreden besluit terecht door de rechtbank was vernietigd. Echter, de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven in stand omdat de aanvraag te laat was ingediend. De CRvB wees het hoger beroep van de Svb af en bevestigde het oordeel van de rechtbank.
Uitkomst: De aanvraag voor de eenmalige tegemoetkoming is afgewezen wegens overschrijding van de fatale aanvraagtermijn, ondanks vernietiging van het bestreden besluit wegens het ontbreken van een hoorzitting.